Tijdens de rondleiding door het vernieuwde herinneringcentrum sprak de Koning met oud-gevangenen Ernst Verduin en Joke Folmer.
Tijdens de rondleiding door het vernieuwde herinneringcentrum sprak de Koning met oud-gevangenen Ernst Verduin en Joke Folmer. (Foto: Jules van Iperen)

Koning Willem-Alexander opent vernieuwd herinneringscentrum Kamp Vught

VUGHT - Koning Willem-Alexander opende woensdag 27 november symbolisch het vernieuwde herinneringscentrum en kreeg een rondleiding door de nieuwe tentoonstelling 'Kamp Vught: 32.00 verhalen en zeven seizoenen'. Directeur Jeroen van den Eijnde overhandigde de Koning een popje van 17 centimeter.

Riek Snel was gevangene in Kamp Vught en maakte het popje met kampkleding en haar eigen haar in 1944 in Kamp Vught voor haar geliefde Jo Elsendoorn. Onder haar arm draagt het popje een boekje met een briefje erin: "Voor Jo. Hopelijk kom ik gauw in een andere jurk naar je toe. Vught 4-4-1944." Op haar borst bij het rode driehoekje haar kampnummer 0176.

Tijdens de rondleiding had de Koning een ontmoeting met oud-gevangenen Ernst Verduin en Joke Folmer.  Verduin (1927) was in de oorlog gevangen in de kampen van Vught, Westerbork, Auschwitz en Buchenwald. Na zijn pensioen gaf hij honderden gastlessen aan scholieren en schreef het boek 'Over leven'. Hij verloor vele familieleden, onder wie zijn zusje Wanda die met de beruchte kindertransporten vanuit Kamp Vught naar Sobibor werd gedeporteerd.

Joke Folmer (1923) ging op jonge leeftijd in het verzet en smokkelde meer dan 300 personen -onder wie 120 geallieerde piloten - over de grens. Na haar arrestatie in 1943 zat ze onder meer in het Oranjehotel, Kamp Vught en werd als 'Nacht und Nebel-gevangene' naar Duitsland op transport gesteld. Joke Folmer kreeg diverse onderscheidingen voor haar inzet tijdens de Tweede Wereldoorlog.